Sinds 28 december 2004 is de nieuwe wetgeving voor Legionellapreventie in leidingwater van kracht. Deze is opgenomen in hoofdstuk III C van het Waterleidingbesluit. Deze wetgeving maakt een onderscheid naar risicocategorieën:
- Hoog risico - ziekenhuizen voor transplantaties, longaandoeningen en immuunstoornissen: hier dient altijd Legionellapreventie te worden toegepast in de vorm van een risico-inventarisatie en een beheersplan, ongeacht of er wel of geen sprake is van aërosolvorming. Ook is monstername verplicht.
- Middelmatig risico - verzorgingshuizen, ziekenhuizen, gevangenissen, asielzoekerscentra, zwembaden, hotels, campings, jachthavens en vakantieparken: alleen in geval van aërosolvorming dient Legionellapreventie te worden toegepast (risico-inventarisatie en beheersplan) en is monstername verplicht.
- Laag risico - sportcomplexen, onderwijsinstellingen, bedrijven, instellingen, horeca en wooncomplexen met een collectief watersysteem: hier geldt niet de plicht van een risico-inventarisatie en een beheersplan, wel geldt een Zorgplicht op grond van het Waterleidingbesluit voor een installatie die voldoet aan de voorschriften en de levering van deugdelijk water (o.a. Legionella-gehalte is maximaal 100 KVE per liter).
Monsterneming
In geval monsterneming verplicht is, geldt dat het aantal meetpunten afhankelijk is van het totale aantal tappunten.
Totaal aantal tappunten Aantal meetpunten
< 50 2
51-100 4
101-200 6
201-400 8
401-800 10
801-1600 12
>1600 14