Legionella: achtergronden en regelgeving
In 1976 deed Legionella voor het eerst van zich spreken. Dit gebeurde in Philadelphia in het Bellevue Stratford Hotel tijdens een congres van oud‑Vietnamstrijders. Gedurende en na het congres werden 221 mensen ziek en 34 van hen stierven. De symptomen varieerden van griepachtige verschijnselen tot ernstige longontstekingen. Aanvankelijk vermoedde men dat het hier om een virusinfectie ging. Het was echter niet mogelijk om de ziekteverwekker met de bestaande kweekmethoden of serologische technieken te identificeren. Het heeft tot mei 1977 geduurd voordat men de veroorzaker, in dit geval een bacterie, had geïdentificeerd. Het was een tot dan toe onbekende bacteriesoort die voor groei het aminozuur l‑cysteine nodig had. De bacterie kreeg de naam Legionella pneumophila (naar het Latijnse woord legionarius voor soldaat) en de levensbedreigende ziekte werd veteranenziekte genoemd.
Na de uitbraak in Philadelphia zijn er nog uitbraken op kleinere schaal geweest. In Europa is in 1996 een grote epidemische uitbraak geweest in Alcala de Henares (Spanje) waarbij 197 mensen ziek zijn geworden en 11 uiteindelijk stierven. De besmetting bleek afkomstig te zijn uit het watervoorzieningsysteem en de koeltorens in het dorp. In Nederland is in 1998 een kleine uitbraak voorgevallen bij 6 mensen van wie 2 zijn overleden. Bij de meeste uitbraken betrof het een besmetting met Legionella pneumophila serogroep 1, maar er zijn ook besmettingen met andere Legionella‑soorten geweest. Alhoewel het bestaan van Legionella en de problemen die het met zich mee kan brengen al langere tijd bekend waren, heeft het tot de uitbraak in Bovenkarspel (1999) geduurd voordat er in Nederland een start is gemaakt met een serieuzere aanpak van het probleem.
Biochemische eigenschappen
Momenteel zijn er circa 60 soorten Legionella bekend waaronder circa 14 soorten Legionella pneumophila. De bacterie komt normaal in zeer lage concentraties in waterige omgevingen in de natuur voor, zoals oppervlaktewater en slib. Legionella gedijt goed tussen 20 en 45 graden Celsius. Het groeioptimum ligt bij 37 graden. In laboratoria zijn Legionellabacteriën alleen te kweken op voedingsmedia waarin het aminozuur l‑cysteine aanwezig is. Legionella groeit op een BCYE‑agar als een witgrijze opalescente korrelvormige kolonie. Hij is oxidase negatief tot zeer zwak positief.
Pathogeniteit
Legionella is een bacterie die aangrijpt in het ademhalingssysteem. Besmetting met Legionella vindt plaats via aërosolen (kleine waterdruppeltjes) met een diameter van 5 tot 10 micrometer. Daarbij kan de bacterie tot diep in de longblaasjes dringen. Het primaire afweermechanisme wordt daarbij omzeild.
In watersystemen met temperaturen tussen 25 en 45 graden Celsius kan Legionella zich explosief vermeerderen. Legionella pneumophila serogroep 1 is de meest virulente soort.
Ziektes
Legionellose uit zich in twee varianten. De mildste vorm met een incubatietijd van 1 tot 2 dagen staat bekend als Pontiac Fever. De infectie gaat hier gepaard met griepachtige verschijnselen die zonder medicatie overgaan. De ernstige vorm, legionnaires’ disease (veteranenziekte) heeft een incubatietijd van 2 tot 10 dagen en kenmerkt zich door griepverschijnselen, een ernstige pneumonie en, in een latere fase, aantasting van de andere organen. Onbehandeld heeft de veteranenziekte een dodelijke afloop.